dinsdag 12 mei 2015

Drie soldaten gedood bij aanvallen rebellen

Drie Oekraïense soldaten zijn gisteren gedood bij aanvallen van de pro-Russische rebellen. Volgens legerwoordvoerder kolonel Andrei Lisenko is één militair gewond geraakt. De aanvallen hadden plaats op de inmiddels gebruikelijke plekken.

In de provincie Donetsk waren Opitne, Piski en Adviivka doelwit, maar ook de kolenmijn bij Boetivka, terwijl in Marinka een scherpschutter actief was. Ook in de omgeving van Marioepol was het weer onrustig. In de provincie Loehansk ging het om Stanitsja Loehanska en Sjastia.

Bronnen: Unian, Ukrinform

Separatisten Donetsk erkennen Zuid-Ossetië

De zelfbenoemde regering van de Volksrepubliek Donetsk (DPR) heeft Zuid-Ossetië als zelfstandige staat erkend nadat afgelopen zomer al het omgekeerde was gebeurd. Het 70.000 inwoners tellende Zuid-Ossetie maakte zich in 2008 los van Georgië. Alleen Rusland, Nicaragua, Venezuela en Nauru erkenden de nieuwe republiek tot nu toe.

Vandaar dat de stap van de DPR is verwelkomd in Zuid-Ossetie. Parlementsvoorzitter Anatoli Bibilov kondigde vandaag niet alleen aan dat over en weer diplomatieke banden worden aangeknoopt, maar ook dat de regeringen een verdrag willen tekenen waarin ze beloven elkaar bij te staan, zo nodig ook militair.

Bron: Tass

'Zeventig Russen gedood bij strijd Debaltseve'

Zeventig Russische parachutisten zijn gesneuveld in de wekenlange strijd om het Oost-Oekraïense stadje Debaltseve. Dat staat in het rapport 'Poetin's oorlog', geschreven door vrienden van de onlangs in Moskou doodgeschoten oppositieleider Boris Nemtsov. De soldaten zouden uit het leger zijn ontslagen en als 'vrijwilligers' naar het buurland gestuurd om mee te vechten aan de kant van de separatisten.

Zeventien van de in januari en februari gesneuvelde militairen waren afkomstig uit de plaats Ivanovo. Hun nabestaanden kregen van het Russische ministerie van Defensie de toezegging dat er een financiële compensatie zou komen, ook voor de gewonden, ook al maakten ze officieel geen deel meer uit van het leger. Van een compensatie is volgens het vanmorgen gepresenteerde rapport echter nog geen sprake.

In het rapport worden de kosten van de Russische bemoeienis met de Donbas en de annexatie van de Krim geschat op een bedrag van 54 miljard roebel, bijna een miljard euro. Volgens het rapport, gebaseerd op gesprekken die Nemtsov voerde met onder meer familieleden en nabestaanden van soldaten, zouden zeker 220 Russische soldaten zijn gesneuveld. De regering ontkent de Russische militaire hulp aan de separatisten.

Bronnen: Ukrinform, NU.nl

'Bij parade gebruikte tanks nog steeds in Donetsk'

De tanks en andere zware wapens die afgelopen zaterdag mee reden in de overwinningsparade van de separatisten in de stad Donetsk zijn daar nog altijd, ook al is dat niet toegestaan volgens het Minsk-2 akkoord. Dat schrijft parlementslid en militair expert Dmitro Timtsjoek vandaag op zijn Facebookpagina. 
 
Hij beschikt over informatie dat de wapens nu verspreid over de stad op bedrijfsterreinen staan. In de wijken Petrovski en Koebitsjev, maar vooral bij het dorp Krasnohorivka zou een groot aantal pantserwagens zijn verzameld. Het vrijwilligersbataljon Dnipro-1 kwam vorige week al met beelden die met een onbemand verkenningsvliegtuigje waren gemaakt waarop grote aantallen tanks, pantserwagens en andere militaire voertuigen te zien waren bij scholen en in woonwijken in Donetsk
 
De OVSE veroordeelde eerder al het besluit om op de Dag van de Overwinning een parade met zware wapens te houden in de stad, omdat dit in strijd is met de afspraken over terugtrekking van deze wapens. De frontlijn tussen de pro-Russische rebellen en het Oekraïense leger ligt vlakbij Donetsk. Er wordt nog geregeld gevochten, vooral om het bezit van het dorp Piski.

President Petro Porosjenko waarschuwde anderhalve week geleden dat er aanwijzingen zijn dat de rebellen halverwege mei een nieuw offensief willen beginnen, terwijl secretaris-generaal Jens Stoltenberg van de NAVO gisteren nog waarschuwde dat de rebellen nu over voldoende militaire middelen beschikken om het leger plotsklaps aan te vallen. 
 
Het leger is daar klaar voor, volgens Porosjenko. De president merkte ook gisteren bij een bezoek aan een militair opleidingscentrum in Tsjernihiv op dat in de afgelopen weken hard is gewerkt aan versterking van de posities van het leger.
 
Bron: Unian

Porosjenko wil vliegveld van Donetsk terug

De luchthaven van Donetsk moet weer in Oekraïense handen komen en vanuit de puinhopen moet een nieuw vliegveld verrijzen. Dat heeft president Petro Porosjenko gisteren gezegd bij de première van een documentaire over de maandenlange strijd om het vliegveld dat nu in handen is van de pro-Russische rebellen. Hij sprak ook met soldaten die er hebben gevochten.

''Jullie standvastigheid heeft de strijdlust teruggebracht in ons leger. Onze vijand zou al overal in het land zitten als jullie, en mensen zoals jullie, ons niet hadden verdedigd'', zei de president. Hij dankte de soldaten, dienstplichtig of vrijwilliger, en de generaals ''die in korte tijd kans hebben gezien ons leger op te bouwen''.

Bron: Kiev Post

maandag 11 mei 2015

Strijd om Piski en Sjirkoni blijft voorturen

De gevechten in Oost-Oekraïne blijven maar doorgaan, met de dorpen Piski (bij het vliegveld van Donetsk) en Sjirokine (bij de havenstad Marioepol) als voortdurende 'hotspots'. De Oekraiense soldaten in Piski zijn gisteren tienmaal aangevallen, die in Sjirokine maar liefst zeventien keer.

In de provincie Loehansk concentreerden de aanvallen van de pro-Russische rebellen zich op Sjastja, Stanitsa Loehanska, Krimske en Zolotoje. Bij de gevechten raakten vijf soldaten gewond. De rebellen melden op hun beurt dat het leger in totaal 37 aanvallen heeft uitgevoerd.

Bronnen: Unian, Tass

Parlementslid wil verbod op dragen St. Jorislintje

Parlementslid Anton Herasjtsjenko van premier Jatsenjoek's Volksgrond kondigt een wetsvoorstel aan waarmee hij een verbod op het dragen van het St. Jorislintje wil afdwingen. Herasjtsjenko reageert daarmee op een boze reactie van Maidan-activist Joeri Hoedimenko die constateerde dat politieagenten het St. Jorislintje droegen bij de herdenking van het einde van de Tweede Wereldoorlog.

Het oranje-zwarte lintje was decennialang het symbool van de strijd van de Sovjet-Unie tegen Nazi-Duitsland, maar is sinds een jaar voor de Oekraïners vooral verbonden met de separatisten die het veel dragen om er hun verbondenheid met Rusland mee uit te drukken. Veel Oekraïners zijn overgestapt op het dragen van de 'Europese' klaproos.

Herasjtsjenko wil een boete van ''laten we zeggen vijfduizend hrivna die ten goede komt aan de medische behandeling van de mensen die gehandicapt zijn geraakt in de strijd''. Wie een tweede keer wordt gezien met een St. Jorislintje zou volgens het parlementslid vijftien dagen de cel in moeten. Overigens wil hij met het wetsvoorstel dat hij volgende week zegt in te dienen ook het gebruik van Nazi- en Sovjetsymbolen in het openbaar omvatten.

Bron: Censor.net